Statuten
De statuten van de te Krimpen aan den IJssel gevestigde vereniging Krimpense Zwemvereniging “de Lansingh”, welke statuten laatstelijk zijn gewijzigd bij akte op 10 februari 1994 verleden voor Mr. R.M.Bos, notaris te Krimpen aan den IJssel.
Artikel 1
Naam en zetel
1. De vereniging draagt de naam Krimpense Zwemvereniging “De Lansingh”.
2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Krimpen aan den IJssel.
Artikel 2
Duur
De vereniging, welke is opgericht op dertien maart negentienhonderd negen en vijftig, is aangegaan voor onbepaalde tijd.
Artikel 3
Doel
1. De vereniging stelt zich ten doel de beoefening van het zwemmen, in de ruimste zin, te bevorderen en meer algemeen te maken.
2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door het verwerven en het daarna behouden van het lidmaatschap van de Koninklijke Nederlandse Zwembond, hierna te noemen: K.N.Z.B., gevestigd te Nieuwegein, onder erkenning van de K.N.Z.B. als enig besturend en controlerend lichaam op zwemgebied in Nederland.
3. De vereniging is tevens aangesloten bij de kring Rotterdam van de K.N.Z.B. Wat in artikel 8 (verplichtingen van de leden) wordt gesteld ten aanzien van de K.N.Z.B. geldt tevens voor de kring Rotterdam van de K.N.Z.B.
Artikel 4
Boekjaar
Het boekjaar van de vereniging valt samen met het kalenderjaar.
Artikel 5
Inrichting
1. Organen van de vereniging zijn het bestuur, de algemene vergadering, evenals alle overige personen en commissies, die krachtens de statuten door de algemene vergadering belast zijn met een nader omschreven taak en aan wie daarbij door de algemene vergadering beslissingsbevoegdheid is toegekend.
2. De organen van de vereniging, bedoeld in lid 1, hebben geen rechtspersoonlijkheid.
Artikel 6
Leden
1. Leden van de vereniging zijn natuurlijke personen, die op hun verzoek door het bestuur als lid zijn toegelaten.
2. Minderjarigen, die als lid wensen te worden toegelaten, dienen bij hun aanvraag een schriftelijke toestemming van hun wettelijke vertegenwoordiger over te leggen.
3. Ingeval van niet toelating door het bestuur zal op verzoek van de betrokkene door de eerstvolgende algemene ledenvergadering alsnog over toelating worden beslist.
4. Personen die door de K.N.Z.B. of de kring levenslang zijn uitgesloten van het recht tot het deelnemen aan enige activiteit danwel van het recht functies in de K.N.Z.B. te bekleden, kunnen niet als lid van de vereniging worden toegelaten.
5. De leden worden onderscheiden in:
a. ereleden;
b. leden van verdienste;
c. seniorleden;
d. juniorleden.
6. Ereleden zijn natuurlijke personen, die op grond van buitengewone verdiensten voor de vereniging op voordracht van het bestuur of tien stemgerechtigde seniorleden door de algemene vergadering als zodanig zijn benoemd. Zij hebben dezelfde rechten en verplichtingen als de overige leden doch zijn vrijgesteld van contributiebetaling.
7. Leden van verdienste zijn natuurlijke personen, die op grond van bijzondere verdiensten voor de vereniging als zodanig door het bestuur zijn benoemd. Op hen is het bepaalde in de laatste zin van het vorige lid van toepassing.
8. Seniorleden zijn leden, die op de eerste dag van een kwartaal van het betreffende boekjaar de leeftijd van zestien jaar hebben bereikt.
9. Juniorleden zijn leden, die op de eerste dag van een kwartaal van het betreffende boekjaar nog niet de leeftijd van zestien jaar hebben bereikt.
Artikel 7
Ondersteunende leden
1. Ondersteunende leden zijn natuurlijke personen of rechtspersonen, die zich jegens de vereniging verplichten tot voldoening van een jaarlijkse bijdrage, waarvan het minium door de algemene vergadering wordt bepaald en die door het bestuur als zodanig zijn aangenomen.
2. Ondersteunende leden zijn geen leden van de vereniging als bedoeld in artikel 6 en hebben geen andere rechten en verplichtingen, dan die welke aan hen bij of krachtens de statuten en reglementen van de vereniging zijn toegekend of opgelegd.
3. De rechten en verplichtingen van ondersteunende leden kunnen te allen tijde wederzijds door opzegging worden beëindigd, met dien verstande, dat bij opzegging door een ondersteunend lid de jaarlijkse bijdrage voor het lopende boekjaar voor het geheel verschuldigd blijft.
4. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
Artikel 8
Verplichtingen van de leden
1. De leden zijn verplicht:
a. de statuten en reglementen van de vereniging en de besluiten van de organen van de vereniging, bedoeld in artikel 5, na te leven en de jurisdictie van de daarin vermelde organen te er kennen;
b. zich tegen elkaar en ten opzichte van de vereniging te gedragen naar wat door redelijkheid en billijkheid wordt gevorderd;
c. de belangen van de vereniging en van haar organen, die van de K.N.Z.B. en haar organen en die van de zwemsport in het algemeen niet te schaden;
d. alle overige verplichtingen te aanvaarden en na te komen, welke uit het lidmaatschap voortvloeien of welke de vereniging in naam van haar leden aangaat.
2. De leden en andere aangeslotenen, evenals degenen, die in de vereniging een functie, welke dan ook, bekleden, onderwerpen zich door de aanvaarding van hun lidmaatschap, aangeslotene zijn of functie tegenover de K.N.Z.B. aan dezelfde verplichtingen, waaraan de vereniging als lid van de K.N.Z.B. is of zal zijn onderworpen, daaronder begrepen mitsdien de verplichting de statuten en reglementen van de K.N.Z.B. en de besluiten van zijn organen na te leven, alle overige verplichtingen te aanvaarden, welke uit het lidmaatschap van de vereniging, als lid van de K.N.Z.B. en lid van de kring Rotterdam voortvloeien of welke de K.N.Z.B. in naam van zijn leden aangaat, en zich te onder werpen aan de tuchtrechtspraak, de disciplinaire rechtspraak, de arbitraire rechtspraak en de administratieve rechtspraak, zoals vastgelegd en nader geregeld in de daarop betrekking hebbende reglementen van de K.N.Z.B. evenwel voor wat de door de K.N.Z.B. en/of de kring Rotterdam in naam van zijn leden aangegane verplichtingen betreft slechts voorzover deze verplichtingen tevens betrekking hebben op de leden van de vereniging.
Onder andere aangeslotenen worden in dit artikel mede verstaan zij, die op enigerlei wijze min of meer regelmatig van de diensten van de vereniging gebruik maken.
De vereniging is bevoegd om in naam van haar leden tegenover de K.N.Z.B. de verplichtingen aan te gaan, als in dit lid om schreven.
3. De vereniging kan daarnaast tegenover derden, voor zover uit deze statuten niet het tegendeel voortvloeit, ten behoeve van de leden rechten bedingen en, voor zover dit in de statuten uitdrukkelijk is bepaald en onder verwijzing naar artikel 15, de leden 3 en 4, te hunnen laste verplichtingen aangaan.
4. Een besluit, waarbij rechten zijn beperkt of verplichtingen zijn verzwaard, is niet op een lid van toepassing indien, met inachtneming van het in artikel 11, lid 5, bepaalde, een lid het besluit te zijnen opzichte uitsluit door opzegging van het lidmaatschap.
Artikel 9
Tuchtrechtspraak
1. Aan de tuchtrechtspraak van de vereniging zijn alle leden en andere aangeslotenen onderworpen.
2. In het algemeen zal strafbaar zijn handelen of nalaten in strijd met de statuten, reglementen en/of besluiten van de organen van de vereniging.
3. Voorzover deze bevoegdheid niet aan een door de algemene vergadering te benoemen commissie, belast met de tuchtrechtspraak is opgedragen, is het bestuur bevoegd om ingeval van overtredingen als bedoeld in lid 2 van dit artikel de volgende straffen op te leggen:
a. berisping;
b. ernstige berisping;
c. tuchtrechterlijke boete;
d. schorsing.
4. De competentie, samenstelling, bevoegdheden en werkwijze van de in lid 3 bedoelde commissie, evenals de procesgang, kunnen nader worden geregeld in een afzonderlijk door de algemene vergadering vast te stellen tuchtreglement.
5. Tuchtrechterlijke boeten kunnen worden opgelegd tot ten hoogste de door de algemene vergadering vastgestelde maxima.
6. Schorsing van het lidmaatschap kan worden opgelegd tot ten hoogste de door de algemene vergadering vastgestelde maximumperioden.
Gedurende de periode, dat een lid geschorst is, blijft het gehouden aan zijn verplichtingen tegenover de vereniging en heeft het tegenover de vereniging geen andere rechten dan zich te verweren in tuchtzaken, beroep in te stellen en gratie te verzoeken.
7. Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen door de algemene vergadering worden uitgesproken, indien een lid in ernstige mate in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van organen van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
8. Nadat tot ontzetting is besloten, wordt de betrokkene ten spoedigste door middel van een aangetekend schrijven van het besluit, met opgave van redenen in kennis gesteld.
9. Zowel bij de behandeling door het bestuur casu quo de tucht commissie als bij de behandeling door de algemene vergadering kan de betrokkene, indien hij al dan niet op zijn verzoek persoonlijk wordt gehoord, zich door een raadsman doen bijstaan.
Artikel 10
Contributie
1. De leden zijn gehouden tot het betalen aan de vereniging van een jaarlijkse contributie, welke door de algemene vergadering wordt vastgesteld. De leden kunnen in categorieën worden ingedeeld, die een verschillende contributie betalen.
2. Wanneer het lidmaatschap in de loop van het boekjaar eindigt blijft niettemin de contributie verschuldigd tot één juli, respectievelijk tot en met één en dertig december van het boekjaar, mits de kennisgeving van opzegging van het lidmaatschap tenminste één maand tevoren door de secretaris is ontvangen.
3. Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van contributie te verlenen.
Artikel 11
Einde lidmaatschap
1. Het lidmaatschap eindigt:
a. door het overlijden van het lid;
b. door opzegging van het lid;
c. door opzegging namens de vereniging door het bestuur;
d. door ontzetting in overeenstemming met het bepaalde in artikel 9, lid 7.
2. Opzegging namens de vereniging kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten voor het lidmaatschap te voldoen of wanneer hij zijn verplichtingen tegen de vereniging niet nakomt of wanneer van de vereniging redelijkerwijze niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
3. Opzegging van het lidmaatschap door het lid of namens de vereniging kan slechts schriftelijk geschieden per één juli en tegen het einde van een boekjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van tenminste één maand.
4. Een schriftelijke opzegging in strijd met het in lid 3 bepaalde doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip, volgende op de datum, waartegen was opgezegd.
5. Een opzegging als bedoeld in artikel 8, lid 4, dient te geschieden binnen een maand, nadat het bedoelde besluit aan het lid is bekend geworden of is verteld.
6. In afwijking van het in lid 3 bepaalde kan opzegging door het lid met onmiddellijke ingang voorts geschieden binnen één maand nadat hem een besluit tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of een besluit tot fusie is verteld.
7. In afwijking van het in lid 3 bepaalde kan opzegging door de vereniging met onmiddellijke ingang plaats hebben, indien redelijkerwijze van de vereniging niet gevergd kan worden het lid maatschap langer te laten voortduren.
8. Behalve ingeval van overlijden wordt een lid, dat heeft opgezegd, geacht nog lid te zijn, zolang het niet heeft voldaan aan zijn geldelijke verplichtingen ten opzichte van de vereniging of zolang enige aangelegenheid, waarbij het lid betrokken is niet is afgewikkeld, de tenuitvoerlegging van een opgelegde straf daar in begrepen. Gedurende deze periode kan de betrokkene geen rechten uitoefenen.
Artikel 12
Bestuur
1. Het bestuur van de vereniging bestaat uit tenminste vijf meerder jarige leden, die door de algemene vergadering worden gekozen uit de leden, te weten: een voorzitter, een secretaris, een penningmeester en tenminste twee andere bestuursleden. De functies van secretaris en penningmeester kunnen ook in één hand verenigd zijn, in welk geval in het bestuur tenminste drie andere bestuursleden zitting hebben.
2. Het aantal bestuursleden wordt vastgesteld door de algemene vergadering, terwijl de voorzitter in functie wordt gekozen. Het bestuur verdeelt de overige functies en doet hiervan mededeling aan de leden.
3. De voorzitter, de secretaris en de penningmeester, evenals een door het bestuur uit zijn midden aan te wijzen lid, indien de functies van secretaris en penningmeester in één hand verenigd zijn, vormen het dagelijks bestuur.
4. Elk bestuurslid, ook wanneer het voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door het orgaan dat hem benoemde worden ontslagen of geschorst. Een schorsing, die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
5. De bestuursleden worden gekozen voor de tijd van drie jaar onverminderd het verder in dit lid bepaalde.
Jaarlijks treden één of meer van deze bestuursleden af in de algemene vergadering, waarin het bestuur rekening en verantwoording doet over het afgelopen boekjaar, volgens een door het bestuur op te maken rooster, ook al is de termijn van drie jaar nog niet dan wel reeds eerder in dat boekjaar verstreken.
6. Tot één week voor de algemene vergadering kunnen door het bestuur of tenminste tien seniorleden kandidaten worden gesteld voor te vervullen vacatures.
Door de algemene vergadering zelf kunnen kandidaten worden gesteld bij een besluit genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen.
7. Het bestuurslidmaatschap eindigt:
a. door overlijden of bedanken;
b. door verlies van de hoedanigheid van lid van de vereniging.
8. Ieder bestuurslid is tegenover de vereniging gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. Indien het een aangelegenheid betreft, die tot de werkkring van twee of meer bestuursleden behoort, is ieder van hen hoofdelijk aansprakelijk tegenover de vereniging, tenzij hij bewijst, dat de tekortkoming niet aan hem te wijten is en dat hij niet nalatig is geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen daarvan af te wenden.
Artikel 13
Bestuurstaak
1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging terwijl het dagelijks bestuur meer in het bijzonder belast is met de behandeling van alle lopende en spoedeisende zaken.
2. Indien het aantal bestuursleden beneden vijf is gedaald of het aantal leden van het dagelijks bestuur beneden drie, blijft zowel het bestuur als het dagelijks bestuur bevoegd, doch is het bestuur verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering bijeen te roepen ter voorziening in de vacatures.
3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaal de onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies, waarvan de leden door het bestuur worden benoemd en te allen tijde kunnen worden ontslagen. Het bepaalde in artikel 12, lid 4, is daarbij van overeenkomstige toepassing.
Onder de door het bestuur in te stellen commissies zijn niet begrepen:
a. de financiële commissie;
b. de tuchtcommissie; en:
c. de commissie van beroep,
Welke door de algemene vergadering worden gekozen, indien tot instelling daarvan door de algemene vergadering wordt besloten.
Artikel 14
Vergaderingen van bestuur
1. Tenzij het bestuur casu quo het dagelijks bestuur anders bepaalt vergadert het betreffende bestuur wanneer de voorzitter of de secretaris dat verzoekt.
2. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk, telegrafisch, per telex of per telefoon geschiedt, alle leden van het betreffende bestuur in het te nemen besluit zijn gekend en geen hunner zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet.
3. Alle besluiten, welke in vergadering worden genomen, kunnen slechts worden genomen met de volstrekte meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen, terwijl de besluiten bedoeld in lid 2 slechts kunnen worden genomen met de volstrekte meerderheid van de stemmen, die door alle fungerende bestuursleden kunnen worden uitgebracht, ongeacht of deze stemmen alle zijn uitgebracht.
4. Blanco stemmen worden niet als uitgebrachte stemmen geteld.
5. Over elk voorstel wordt afzonderlijk en mondeling gestemd, tenzij de voorzitter zonder tegenspraak uit de vergadering een andere wijze van stemmen bepaalt of toelaat.
6. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen gehouden, die in de eerstvolgende vergadering van het betreffende bestuur worden vastgesteld.
7. De secretaris neemt de besluiten, welke op de wijze als in lid 2 omschreven zijn tot stand gekomen, in het notulenregister van het betreffende bestuur op en doet daarvan in de eerstvolgende vergadering van het betreffende bestuur mededeling.
Artikel 15
Vertegenwoordiging
1. De vereniging wordt vertegenwoordigd door het bestuur dan wel door twee gezamenlijk handelende bestuursleden, waarvan tenminste één lid van het dagelijks bestuur dient te zijn.
2. Aan de penningmeester casu quo de secretaris penningmeester wordt schriftelijk volmacht verleend tot het innen van gelden en tot het beschikken over de kasgelden en de bank- en girorekeningen van de vereniging, aan welke bevoegdheid beperkingen kunnen worden gesteld, welke door en aan derden kunnen worden tegengeworpen.
3. Het bestuur is, mits met voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten tot het verkrijgen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, het aangaan van overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk mede schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt. De voorwaarde dat er vooraf gaande goedkeuring door de algemene vergadering moet worden verleend, kan slechts door de vereniging worden ingeroepen.
4. Bestuursleden, aan wie hetzij krachtens deze statuten hetzij krachtens volmacht vertegenwoordingsbevoegdheid is toegekend, oefenen deze bevoegdheid niet uit, dan nadat tevoren een besluit door het bestuur, het dagelijks bestuur, de algemene vergadering of enig ander bevoegd orgaan van de vereniging is genomen, waarbij tot het aangaan van de betrokken rechtshandeling (en) is besloten.
Het ontbreken van een dergelijk besluit kan aan derden niet worden tegengeworpen.
Artikel 16
Rekening en verantwoording
1. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanig aantekening te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
2. Het bestuur brengt – behoudens verlenging van de termijn door de algemene vergadering – binnen vier maanden na afloop van het boekjaar op een algemene vergadering zijn jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de vergadering over.
Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van één of meer bestuurders dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt. Na verloop van de termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
3. De algemene vergadering benoemt uit de meerderjarige leden een financiële commissie, bestaande uit tenminste twee personen, welke personen geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
4. De leden van de financiële commissie worden gekozen voor de duur van twee jaar, onverminderd het verder in dit lid bepaalde. Jaarlijks treden één of meer leden af volgens een door de financiële commissie op te stellen rooster en wel in de in het betreffende boekjaar te houden algemene vergadering, waarin het bestuur zijn jaarverslag uitbrengt en rekening en verantwoording doet, ook al is de termijn van twee jaar nog niet of reeds eerder in dat boekjaar verstreken. De aftredende zijn aansluitend slechts eenmaal herkiesbaar.
5. De financiële commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de algemene vergadering ver slag van haar bevindingen uit.
6. De opdracht aan de financiële commissie kan te allen tijde door de algemene vergadering worden herroepen, doch slechts door de verkiezing van een andere commissie.
7. Het bestuur is verplicht aan de financiële commissie alle door deze gewenste inlichtingen te verschaffen, desgewenst de kas en de waarden aan te tonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.
8. Goedkeuring door de algemene vergadering van de rekening en verantwoording strekt het bestuur tot decharge voor alle handelingen, voorzover die uit de rekening en verantwoording blijken.
9. Het bestuur is verplicht de bescheiden als bedoeld in de leden 1, 2 en 5 tien jaar lang te bewaren.
Artikel 17
Algemene vergadering
1. Jaarlijks zal uiterlijk vier maanden na afloop van het boekjaar een algemene vergadering worden gehouden.
2. De agenda van de in lid 1 bedoeld vergadering bevat tenminste:
a. vaststelling van de notulen van de vorige algemene vergadering;
b. vaststelling van het jaarverslag van de secretaris;
c. behandeling en vaststelling van de rekening en verantwoording over het afgelopen boekjaar;
d. vaststelling van de jaarlijkse contributie;
e. vaststelling van de begroting voor het lopende boekjaar;
f. voorziening in vacatures.
3. Naast de in lid 1 bedoelde algemene vergadering worden algemene vergaderingen gehouden, wanneer dit door het bestuur nodig wordt geacht, terwijl het bestuur verplicht is op termijn van vier weken een algemene vergadering bijeen te roepen, wanneer een zodanig aantal leden, dat bevoegd is om tien procent van de stemmen van alle leden uit te brengen, dit schriftelijk aan het bestuur verzoekt onder opgave van de te behandelen punten.
4. Het bestuur is verplicht binnen veertien dagen aan het in lid 3 bedoelde verzoek gevolg te geven, bij gebreke waarvan de verzoekers zelf tot de bijeenroeping van de algemene vergadering kunnen overgaan en in het voorzitterschap en het secretariaat van die vergadering kunnen voorzien.
5. De algemene vergadering wordt gehouden in de gemeente waar binnen de vereniging haar zetel heeft en wordt door of namens het bestuur schriftelijk bijeengeroepen door toezending van een oproep, welke de door het bestuur vastgestelde agenda bevat, aan de leden, dat met inachtneming van een oproepingstermijn van tenminste veertien dagen, de dag van de verzending van de op roep en de dag van de vergadering niet meegerekend.
6. In spoedeisende gevallen, dat ter beoordeling van het bestuur, kan de termijn van veertien dagen, genoemd in lid 5, worden ver kort tot zeven dagen.
7. Ingeval de bijeenroeping van een algemene vergadering plaats heeft door de in lid 4 bedoelde bezoekers, heeft deze bijeenroeping plaats door plaatsing van een oproep in het verenigingsblad van de vereniging met vermelding van de te behandelen punten of indien geen verenigingsblad wordt uitgegeven of plaatsing van de oproep daarin om welke reden ook binnen een redelijke termijn niet mogelijk blijkt, door plaatsing van de oproep in tenminste één in de gemeente, waarbinnen de vereniging haar zetel heeft, veelgelezen dagblad met vermelding van de te behandelen punten, dan wel, indien de agenda voor de leden op een daartoe geschikte plaats wordt gelegd, de vermelding daarvan.
Artikel 18
Samenstelling algemene vergadering
1. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle leden, voorzover zij niet ten tijde van de vergadering als lid zijn geschorst.
2. In afwijking van het in lid 1 bepaalde heeft een geschorst lid toegang tot de vergadering waarin het besluit tot schorsing wordt behandeld en is bevoegd daarover het woord te voeren.
3. De voorzitter kan aan andere personen dan de leden van de vereniging toegang tot de vergadering verlenen.
Artikel 19
Besluitvorming algemene vergadering
1. Alle leden, die ten tijde van de vergadering niet geschorst zijn, hebben stemrecht en wel ieder juniorlid één stem en ieder senior lid vijf stemmen.
2. Ieder stemgerechtigd lid is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een daartoe schriftelijk gemachtigd ander stemgerechtigd lid, dat echter in totaal niet meer stemmen dan de stemmen van twee leden, zijn eigen stem(men) inbegrepen, kan uitbrengen. Door wettelijke vertegenwoordigers kan als zodanig niet in het stemrecht worden uitgeoefend.
3. Tenzij in deze statuten anders is bepaald worden alle besluiten genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen.
4. Blanco stemmen worden niet als uitgebrachte stemmen geteld. Als ongeldige stemmen worden in ieder geval aangemerkt uitgebrachte stembiljetten, die naar het oordeel van de voorzitter:
a. ondertekend zijn;
b. onleesbaar zijn;
c. een persoon niet duidelijk aanwijzen;
d. de naam bevatten van een persoon, die niet kandidaat gesteld is;
e. voor iedere verkiesbare plaats meer dan één naam vermelden;
f. meer bevatten dan een duidelijke aanwijzing van de persoon, die is bedoeld.
5. Alle stemmingen over zaken geschieden mondeling, die over personen schriftelijk door middel van gesloten ongetekende briefjes, één en ander tenzij de voorzitter zonder tegenspraak uit de vergadering een andere wijze van stemmen bepaalt of toelaat.
6. Staken de stemmen over een voorstel, dat niet de verkiezing van personen betreft, dan is het voorstel verworpen.
7. Verkrijgt bij verkiezing van personen, hetzij uit een bindende voordracht hetzij bij een vrije verkiezing, niemand bij de eerste stemming de volstrekte meerderheid der uitgebrachte geldige stemmen, dan wordt een tweede stemming casu quo tweede vrije stemming gehouden; verkrijgt ook dan niemand de volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen, dan vindt een herstemming plaats tussen de twee personen, die de hoogste stemmen cijfers hebben behaald of tussen de persoon, die het hoogste stemmencijfer heeft behaald en degene, die het op één na hoogst stemmencijfer heeft behaald. Is op meer dan twee personen het hoogste stemmenaantal uitgebracht of is op twee of meer personen het één na hoogst stemmencijfer uitgebracht, dan vindt tussen hen een tussenstemming plaats om vast te stellen wie in de herstemming komen. Staken bij de tussenstemming of bij de herstemming de stemmen, dan beslist het lot.
8. Een in de algemene vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel over de uitslag van een stemming, is beslissend.
Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voor stel.
9. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het vorige lid bedoelde oordeel de juistheid daarvan betwist, dan wordt zonodig het te nemen besluit schriftelijk vastgelegd en vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, één stemgerechtigde aanwezige dit ver langt.
Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
10. Van het verhandelde in elke algemene vergadering worden door de secretaris of door een door deze aangewezen notulist notulen gehouden.
Artikel 20
Bevoegdheden algemene vergadering
1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan een ander orgaan van de vereniging zijn opgedragen.
2. De algemene vergadering kan personen aanwijzen en commissies instellen en aan hen beslissingsbevoegdheid toekennen. Deze personen en commissies zijn organen als bedoeld in artikel 5.
De werkwijze en organisatie evenals de taken en bevoegdheden van deze organen worden met inachtneming van het in deze statuten bepaalde zo nodig nader geregeld in het huishoudelijke reglement of in afzonderlijke reglementen, welke reglementen worden vastgesteld door de algemene vergadering.
3. De in het vorige lid bedoelde reglementen mogen niet in strijd zijn met de wet, ook waar het bepalingen betreft, die niet van dwingend recht zijn, noch met deze statuten.
Artikel 21
Statutenwijziging
1. De statuten kunnen slechts worden gewijzigd door een besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling, dat in de te houden vergadering een voorstel tot statutenwijziging zal worden behandeld.
2. Zij, die de oproeping tot de algemene vergadering, waarin een voorstel tot statutenwijziging zal worden behandeld, hebben gedaan, moeten tenminste veertien dagen voor de algemene vergadering een afschrift van het voorstel, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage liggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.
3. Een besluit tot statutenwijziging kan slechts worden genomen, met een meerderheid van tenminste twee/derde der geldig uit gebrachte stemmen.
4. Een wijziging in de statuten behoeft goedkeuring van de K.N.Z.B., zolang de vereniging lid van de K.N.Z.B. is.
5. Een wijziging van de statuten treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt.
Ieder bestuurslid is afzonderlijk tot het doen verlijden van deze akte bevoegd.
Artikel 22
Ontbinding en vereffening
1. Behoudens het bepaalde in de artikelen 16, 17 en 19 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt de vereniging ontbonden door een daartoe strekkend besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling, dat in de te houden vergadering een voorstel tot ontbinding zal worden behandeld.
2. Het bepaalde in artikel 21, leden 2, 3 en 4 is van overeenkomstige toepassing.
3. Indien het besluit tot ontbinding geen andere vereffenaars zijn aangewezen geschiedt de vereffening door het bestuur met in achtneming van de bepalingen daaromtrent in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
4. Het batig saldo na vereffening wordt aangewend voor één of meer door de algemene vergadering, welke tot de ontbinding besluit, met volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen aan te wijzen doelen met het zwemmen in verband staande.
5. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan, voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is.
Gedurende de vereffening blijven de statuten en reglementen voorzover mogelijk van kracht.
In stukken en aankondigingen, die van de vereniging uitgaan, moeten dan aan haar naam worden toegevoegd de woorden “in liquidatie”.
Artikel 23
Slotbepaling
In alle gevallen, waarin de wet, de statuten of de reglementen van de vereniging niet voorzien beslist het bestuur.
Artikel 24
Inwerkingtreding
Deze statuten treden in werking op de eerste dag volgende op de dag, waarop deze gewijzigde statuten een notariële akte is opgemaakt.
Goedkeuring K.N.Z.B.
Deze statuten zijn geheel eensluidend met het aan deze akte gehechte ontwerp daarvan, waarop de goedkeuring van de K.N.Z.B. is verkregen blijkens een op dat ontwerp gestelde verklaring.
Huishoudelijk Reglement
Leden
Artikel 1
De aanmelding als senior of juniorlid der vereniging dient te geschieden volgens artikel 6 der statuten.
Artikel 2
1. Alle leden erkennen door toetreding tot de vereniging kennis te dragen van de bepalingen der statuten en het huishoudelijke reglement en zich daaraan te onderwerpen.
2. Zij machtigen het bestuur onherroepelijk hen te vertegenwoordigen of te doen vertegenwoordigen op de vergaderingen van de Koninklijke Nederlandse Zwembond en daar namens hen stem uit te brengen of te doen uitbrengen, een en ander in overeenstemming met de statuten en het huishoudelijke reglement van de Koninklijke Nederlandse Zwembond.
Artikel 3
1. Het bestuur heeft de bevoegdheid leden en aspirant leden voor bepaalde tijd te schorsen, indien daar aanleiding toe bestaat.
2. Onder schorsing wordt verstaan een tijdelijke vervallenverklaring van het lidmaatschap, tijdens welke periode men geen andere rechten of plichten heeft dan contributie te betalen, zich te verweren in tuchtzaken of geschillen en het verzoeken van gratie.
3. Van een schorsingsbesluit kan de geschorste in beroep komen bij de algemene vergadering.
4. Indien een lid door de K.N.Z.B. wordt geschorst, wordt deze schorsing door zijn vereniging overgenomen, zonder dat daartegen andere rechtsmiddelen openstaan dan in de reglementen van de K.N.Z.B. voorzien.
5. Bij wanbetaling, wangedrag en schaden van de belangen van de K.N.Z.B. en/of de vereniging kan op voordracht van het bestuur bij besluit van de algemene vergadering de vervallenverklaring van het lidmaatschap worden uitgesproken.
Geldmiddelen
Artikel 4
1. De inkomsten van de vereniging bestaan uit:
a. contributie;
b. entreegelden;
c. ontvangsten van wedstrijden;
d. bijdragen van ondersteunende leden;
e. renten van belegde gelden;
f. toevallige baten.
2. De contributie voor senior en juniorleden wordt telkenjare op de algemene vergadering vastgesteld, evenals de minium bijdrage voor ondersteunende leden.
3. De contributie moet op een door het bestuur te bepalen wijze worden betaald.
4. Ook bij tussentijdse opzegging moet voor een geheel kalender jaar worden betaald.
Bestuur
Artikel 5
1. Het bestuur bestaat uit tenminste vijf meerderjarige leden, die door de algemene vergadering worden gekozen uit de leden, te weten: een voorzitter, een secretaris, een penningmeester en twee commissarissen.
2. Jaarlijks treedt een derde of zo na mogelijk een derde van het aantal bestuursleden af, met dien verstande, dat voorzitter, secretaris en penningmeester in verschillende jaren aftreden.
3. De rooster van aftreding wordt door het bestuur vastgesteld.
4. Aftredende bestuursleden zijn terstond herkiesbaar.
5. Tussentijds benoemde functionarissen hebben zitting in het bestuur voor de tijd, waarvoor hun voorgangers waren verkozen.
6. De voorzitter wordt in functie gekozen, de overige functies worden door het bestuur onderling verdeeld.
7. Voorzitter, secretaris en penningmeester vormen het dagelijks bestuur, dat belast is met de behandeling van alle lopende en spoedeisende zaken.
Voorzitter
Artikel 6
1. De voorzitter leidt de vergadering en stelt daarin de orde van de dag vast.
2. Hij zorgt voor de uitvoering van alle besluiten van bestuurs- en/of algemene vergaderingen.
3. Bij afwezigheid wordt hij vervangen door een ander bestuurslid, aan te wijzen door het bestuur.
4. De voorzitter heeft te allen tijde het recht de vergadering van een commissie bij te wonen en heeft daar een adviserende stem.
Secretaris
Artikel 7
1. De secretaris is belast met het bijhouden der ledenlijst.
2. Hij houdt de notulen van de vergadering bij, voert de correspondentie, waarvan hij afschriften houdt en verzorgt het archief.
3. Op de jaarlijkse algemene vergadering wordt door hem verslag uitgebracht over de werkzaamheden in het afgelopen jaar.
Penningmeester
Artikel 8
1. De penningmeester beheert de geldmiddelen, is verplicht regel matig boek te houden, int het gelden en tekent de kwijtingen.
2. Voor het doen van alle belangrijke uitgaven heeft hij goedkeu ring van het bestuur nodig.
3. De penningmeester brengt op de jaarlijkse algemene vergadering verslag uit over de toestand der geldmiddelen en dient ter goed keuring een begroting in voor het lopende jaar.
4. Hij is voor de onder zijn beheer staande gelden persoonlijk aansprakelijk.
5. Hij belegt eventuele overschotten in overleg met het bestuur en is in dit geval voor de wijze van belegging niet persoonlijk aansprakelijk.
6. De rekening en verantwoording over het afgelopen jaar worden gecontroleerd op de wijze al nader omschreven in artikel 10 lid 2.
7. Bij tussentijds aftreden doet de penningmeester aan de kascommissie binnen acht dagen na zijn aftreden rekening en verantwoording.
8. De kascommissie brengt binnen acht dagen schriftelijk rapport uit aan het bestuur.
Commissarissen
Artikel 9
De commissarissen vervangen zo nodig de overige bestuursleden en zijn deze behulpzaam bij de uitvoering van hun taak.
Commissies
Artikel 10
1. Op de jaarlijkse algemene vergadering wordt een kascommissie benoemd bestaande uit drie meerderjarige leden, (waarvan één reserve), die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
2. De kascommissie controleert uiterlijk veertien dagen voor de te houden algemene vergadering de rekening en verantwoording van de penningmeester over het afgelopen jaar en brengt op de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen.
Artikel 11
Het bestuur kan zich doen bijstaan door een of meer commissies.
Vergaderingen
Artikel 12
1. De voorzitter heeft het recht vergaderingen van het bestuur te beleggen zo dikwijls als hij dit nodig acht.
2. Op aanvraag van twee andere bestuursleden is hij verplicht binnen acht dagen een bestuursvergadering vast te stellen.
3. De datum van de in artikel 17 der statuten voorgeschreven jaarlijkse algemene vergadering wordt door het bestuur vastgesteld.
4. Buitengewone algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit nodig oordeelt, terwijl het bestuur ver plicht is op termijn van vier weken een algemene vergadering bijeen te roepen, wanneer een zodanig aantal leden, dat bevoegd is om tien procent van de stemmen van alle leden uit te brengen, dit schriftelijk aan het bestuur verzoekt onder opgave van de te behandelen onderwerpen.
5. Het bestuur is verplicht binnen veertien dagen aan het in lid 4 bedoelde verzoek te voldoen, bij gebreke waarvan de verzoekers zelf, met inachtneming van de daarvoor geldende bepalingen, de vergadering kunnen beleggen en in het voorzitterschap en het secretariaat van die vergadering kunnen voorzien.
6. De voorzitter heeft het recht de beraadslagingen te sluiten, wan neer hij meent, dat de vergadering voldoende is ingelicht, doch is verplicht de besprekingen weer te openen, wanneer tenminste een derde van de aanwezige leden het verlangen daartoe ken baar maakt.
Artikel 13
1. De convocatie voor de algemene vergadering met opgave van de te behandelen punten moet tenminste veertien dagen tevoren aan de leden worden toegezonden, met uitzondering van het bepaalde in artikel 21 van de statuten.
2. Voorstellen van leden voor een algemene vergadering moeten, ondertekend door tenminste 5 stemgerechtigde leden, tenminste 7 dagen voor de vergadering ter kennis van de leden gebracht worden, In dat geval worden deze voorstellen aan de agenda toe gevoegd.
Artikel 14
De agenda voor de jaarlijkse algemene vergadering dient als punten tenminste te vermelden:
a. notulen van de vorige vergadering;
b. jaarverslag van de secretaris;
c. jaarverslag van de penningmeester;
d. verslag van de kascommissie;
e. vaststelling van de begroting;
f. verslagen van de overige commissies;
g. verkiezing van het bestuur;
h. verkiezing van de commissies;
i. vaststelling van de contributie.
Stemmingen
Artikel 15
Behoudens in gevallen, waarvoor de statuten of het huishoudelijke reglement anders bepalen, worden besluiten genomen bij volstrekte meerderheid van stemmen.
Artikel 16
1. Stemming over personen geschiedt schriftelijk.
2. Indien bij eerste stemming geen voldoende aantal personen de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft ter aanvulling van nog overblijvende vacatures een herstemming plaats tussen die personen, welke de hoogste aantallen stemmen op zich verenig den en wel ten getale van ten hoogste twee maal zo veel als het aantal vacatures bedraagt.
3. Indien echter twee of meer personen een gelijk aantal stemmen hebben verworven, dat recht zou geven in herstemming te komen, dan vindt tussen hen een tussenstemming plaats.
4. Zijn na herstemming nog niet alle vacatures vervuld, dan worden één of meer herstemmingen gehouden, tot zulks het geval is.
5. Staken de stemmen bij herstemming tussen twee persoenen, dan wordt de oudste in jaren gekozenverklaard.
6. De wens om zich terug te trekken van hen, die in herstemming komen, brengt geen verandering in de stemlijst.
7. Wanneer de bij herstemming gekozene voor de benoeming bedankt, dan heeft voor de vacature een nieuwe vrije stemming plaats.
8. De stemming over zaken geschiedt mondeling, tenzij een derde der aanwezige stemgerechtigde leden schriftelijke verlangt.
9. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn ver worpen.
10. Bij bestuursvergaderingen is de stem van de voorzitter of diens plaatsvervanger beslissend.
Artikel 17
Van onwaarde zijn:
a. blanco stembriefjes;
b. ondertekende stembriefjes;
c. onleesbare stembriefjes;
d. stembriefjes welke een persoon niet duidelijk aanwijzen;
e. stembriefjes waarop meer namen voorkomen, dan het te ver kiezen aantal personen;
f. stembriefjes, die de naam bevatten van een persoon, die niet kandidaat gesteld is;
g. stembriefjes, die meer bevatten dan een duidelijke aanwijzing van de persoon, die is bedoeld.
Stemmen, welke van onwaarde zijn worden als niet uitgebracht beschouwd.
Slotbepalingen
Artikel 18
Alle leden zijn verplicht zich een exemplaar van de statuten en het huishoudelijk reglement tegen de hiervoor door het bestuur vastgestel de prijs aan te schaffen.
Per gezin kan met één exemplaar worden volstaan.
Artikel 19
Dit huishoudelijke reglement kan gewijzigd worden bij besluit van een algemene vergadering met een meerderheid van tenminste twee/derde van het aantal uitgebrachte stemmen.
Artikel 20
In alle gevallen, waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur.
Artikel 21
Dit reglement c.q. wijzigingen in dit reglement treden in werking veertien dagen na aanneming door de algemene vergadering.
Aldus vastgesteld door de algemene vergadering van 27 mei 1980.








De hyves pagina van de recreatief afdeling. Klik